Wednesday, 20/11/2019 - 16:02

Nederlands

Hoofdstuk I. In het dorp 

Ik ben een vondeling. Maar tot mijn achtste jaar geloofde ik, evenals alle andere kinderen, ook eene moeder te hebben, want als ik weende, was er eene vrouw die mij in hare armen nam en mij tegen haar boezem drukte totdat mijne tranen ophielden te vloeien. Nooit werd ik in mijn bedje gelegd of eene...

Hoofdstuk II. Een pleegvader 

Ik was dichterbij gekomen om hem de hand te geven, maar hij hield mij met de punt van zijn stok terug.  – Wat is dat voor een kereltje?  – Dat is Rémi.  – Ge hadt me gezegd….  – Welnu ja, maar…. dat was niet waar, omdat….  – Niet waar! niet waar! Hij kwam...

Hoofdstuk III. De troep van Signor Vitalis

Dien nacht sliep ik, door angst en vrees vermeesterd, zeer onrustig, en toen de morgen aanbrak, was bij mijn ontwaken mijn eerste zorg om mijn bed aan alle kanten te betasten en eens in het rond te zien om mij te overtuigen, dat men mij niet weggebracht had. Den ganschen ochtend sprak Barberin geen...

Hoofdstuk IV. Het ouderlijk huis

 – Wel, vroeg vrouw Barberin, toen wij tehuis kwamen, wat heeft de burgemeester gezegd?  – Wij hebben hem niet gezien.  – Hoe, hebt gij hem niet gezien!  – Neen, ik heb eenige vrienden in Notre – Dame aangetroffen en toen wij daar vandaan kwamen, was het te laat;...

Hoofdstuk V. Op reis

Wanneer men voor veertig francs kinderen koopt, ligt hierin nog niet opgesloten, dat men een wildeman is en menschenvleesch opdoet om dat te eten. Vitalis wilde mij niet opeten en – een zeldzame uitzondering bij een handelaar in kinderen – hij was volstrekt geen slecht mensch! Hiervan...

Hoofdstuk VI. Mijn eerste optreden

Den anderen morgen begaven wij ons reeds vroeg op weg. Het regende niet meer; het was een effen blauwe lucht, en, dank zij den harden wind, die gedurende den nacht was opgestoken, waren de wegen vrij schoon. De vogels zongen lustig in het geboomte en de honden sprongen vroolijk om ons heen. Van...

Hoofdstuk VII. Ik leer lezen

Ongetwijfeld bestond het gezelschap van den heer Vitalis uit voortreffelijke tooneelspelers – ik spreek hier van zijn honden en aap – , maar zij bezaten geen groote verscheidenheid van gaven. Wanneer zij drie of vier voorstellingen gegeven hadden, kende men hun gansche repertoire; zij...

Hoofdstuk VIII. Over berg en dal

Wij hebben het zuidelijk gedeelte van Frankrijk doorkruist: Auvergne, Velay, Vivarais, Quercy, Rouergue, Cevennes en Languedoc. Onze manier van reizen behoorde tot de eenvoudigste: wij liepen steeds recht toe recht aan; en als wij aan een dorp kwamen, dat ons niet al te armoedig scheen, dan maakten...

Hoofdstuk IX. Ik ontmoet een reus met zevenmijlslaarzen

Toen wij het dorre en onvruchtbare landschap verlaten hadden, daalden wij naar het schoone en liefelijke dal van de Dordogne, dat wij bij kleine dagreizen doortrokken, want een rijk land bevat welgestelde burgers en daar onze voorstellingen zeer talrijk waren, stroomde het geld in Capi’s...

Hoofdstuk X. Voor den rechter

Van Pau heb ik een zeer aangenamen indruk ontvangen: in deze stad waait het bijna nooit. En daar wij haar in den winter bezochten, over dag op straat waren of op openbare pleinen onze voorstellingen gaven, kan men begrijpen, dat het verblijf daar voor mij een genot was. Toch was dit niet de...